U bent hier

Portugese Synagoge, Amsterdam

De Portugese Synagoge

De Portugese Synagoge

De Portugese Synagoge is de plaats van samenkomst voor de Sefardische joden die vanaf de late 16de eeuw in Amsterdam aanwezig waren. Het interieurensemble onderscheidt zich door de inrichting van die van andere gezindten. 

Strak classicisme

De vroegste huis- en schuilsynagogen bleken al snel te klein voor de groeiende groep Portugese joden. Om die reden vroegen zij toestemming aan de 4 burgemeesters van Amsterdam om een nieuwe synagoge te mogen bouwen en dat verzoek werd ingewilligd. In 1671-1675 verrees de huidige synagoge, een monumentaal gebouw, omringd door lagere bebouwing met de kosters- en voorzangerswoningen en dienstvertrekken. Het ontwerp werd geleverd door meestermetselaar Elias Bouman (1635/36-1686), die ervaring had met het bouwen van kerken en synagogen. Het complex werd gebouwd in de stijl van het strakke classicisme, dat toen erg populair was in de Republiek.

Joodse eredienst

Deze Hollandse stijl komt ook terug in de architectuur van het interieur met 3 schepen: een brede middenbeuk en 2 smalle zijbeuken, van elkaar gescheiden door kolossale Ionische zuilen in zandsteen. Toch is de sfeer in het gebouw een andere dan van een protestantse kerk. Dat komt met name gemaakt door het meubilair. Op de middenas staan de voor de joodse eredienst noodzakelijke teba en hechal. De teba (bima) oftewel het voorlezersgestoelte, waar uit de Thora wordt gelezen, bevindt zich dicht bij de ingang. De hechal (ark), aan de andere kant tegenover de ingang, bevat de heilige Thorarollen, oftewel de 5 boeken van Mozes. Aan weerszijden en gericht naar de middenas staan banken de gelovigen. In deze banken zijn kastjes verwerkt, waarin elke gelovige zijn gebedenboek kan bewaren, zodat hij het op de sabbat niet hoeft te dragen. Grote koperen kaarsenkronen dienen om goed te kunnen lezen.

Onveranderd

Het bijzondere aan de Portugese Synagoge is dat de beschrijving van nu zo goed als geheel overeenkomt met die van 1675. Opstelling en meubilair zijn al die tijd gelijk gebleven. Elektriciteit is afwezig in de synagoge, een centrale verwarming is nooit aangelegd. Daarnaast zijn de kwaliteit en het materiaalgebruik van het meubilair spectaculair te noemen. De hechal, misschien wel het grootste meubel uit de Gouden Eeuw, is geheel gefineerd met kostbaar jacarandahout uit Zuid-Amerika, ook wel bekend als Rio-palissander. De fineer is ‘in open boek’ aangebracht, waardoor de houtnerven spiegelsymmetrisch zijn. De binnenkant is afgewerkt met oogverblindend rood goudleer. Het vormt een gepaste achtergrond voor de hier opgestelde Thorarollen, die vanwege de hoezen en het zilverwerk van de siertorens tot de hoogtepunten van de kunstnijverheid behoren.

Schatkamer

Het totaalontwerp van Elias Bouman is gaaf gebleven. Er is niets afgegaan, hoogstens zijn er enkele meubelen bijgekomen, zoals de chataniembanken, bekleed met tapisserie uit Aubusson; het zijn hoogtepunten van Franse rococo uit 1741. Ook kreeg de synagoge in de loop der eeuwen veel gouden en zilveren objecten geschonken. Deze zijn nu te zien in de schatkamer, die in de bijgebouwen is ingericht. 
Omdat het gebouw nooit van eigenaar of van functie is veranderd, is het een waar tijdsdocument. Elk onderdeel van het meubilair vormt een essentieel element van het totaal van een puntgave synagoge uit de 17de eeuw.

Meer informatie

Bronnen

  • Vlaardingerbroek, P. (red.) (2013). De Portugese Synagoge in Amsterdam. Zwolle: WBooks

Tekst: Pieter Vlaardingerbroek

Foto’s: Ronald Tilleman

Reacties