U bent hier

Hondekop

vrijdag 18 maart 2016 - 17:43

De Hondekop, officieel Materieel '54 genaamd, naar het jaar dat de NS deze treinen voor het eerst in dienst nam.

Twintig jaar geleden schonken NS-reizigers treinstel 766 aan de stichting Mat '54. Beiden zijn beter bekend onder de naam Hondekop, zo genoemd vanwege de karakteristieke voorkant van de trein. De Hondekop is een icoon van het railerfgoed en staat daarom ook met een A-status in het Nationaal Register Railmonumenten. Momenteel is de 766 in Leidschendam om gerestaureerd te worden, of, zoals de Stichting Hondekop het zelf noemt, gereviseerd. Op hun website kun je de revisie volgen middels de maandelijkse verslagen.

Zo'n revisie is geen sinecure. In 2011 begon de cascorevisie en inmiddels zijn we vijf jaar verder. Dat geeft aan dat het hard nodig was. En dat het grondig gebeurd. Restauratie van mobiel erfgoed is een aparte sector in de wereld van de restauratoren. De meeste objecten krijgen pas een erfgoedstatus na een lang en werkzaam leven. Ze zijn vaak letterlijk op en versleten als ze worden afgedankt en een liefhebber zich over het object ontfermt. De orginaliteit is dan over het algemeen al sterk afgenomen door regelmatig onderhoud en reparaties. En wat eveneens veelvuldig voorkomt is het tweede werkzame leven in een andere functie. Dat kan zijn als trein, maar dan bijvoorbeeld als onderhoudswagen. Maar menige wagon is 'gered' na dienst gedaan te hebben als kippenhok of boerenschuur.

KIK-Irpa, het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium in Brussel, voerde in 2013 en 2014 onder leiding van Kaat Sneiders een omvangrijk restauratieproject uit voor de Belgische Spoorwegen. Dat betrof met name het schimmelvrij maken van de interieurs, maar en passant zijn de rijtuigen in hun geheel onder handen genomen. Op de foto bij het verslag is te zien dat het project een fraai gerestaureerde salon in het (koninklijke?) rijtuig A1 uit 1901. Te zien in Trainworld in Schaarbeek. Interessant is dat het KIK een zogenaamd lastenboek opstelde voor de mechanische reiniging, dat in het Belgisch Staatsblad is gepubliceerd.

Over het interieur van de 766 is onder de titel Indeling een uitgebreide uitleg te vinden op de website. Het artikel is geschreven voordat de 766 in revisie ging. Hoe het er straks uit zal zien is daarom nog niet helemaal zeker. Want - over authenticiteit gesproken - een trein kan nog wel eens een gedaanteverandering ondergaan en toch zichzelf blijven. Zo speelde de 766 een hoofdrol in de film over de treinkaping bij De Punt. Daarvoor moest de oorspronkelijke groene kleur van de trein wijken voor het geel dat de NS in de jaren '70 gebruikte. Nadat alle 'geschminkte' kogelgaten van de deuren verwijderd waren is de 766 weer groen gespoten. Teruggerestaureerd.

Ik zou nog wel eens in de restauratiewagen van de 766 willen zitten. Met z'n vieren aan een tafeltje klaverjassen. In m'n herinnering mocht er nog onbeperkt gerookt worden in de trein. En dat deden we dan ook. De trein was electrisch. Maar binnen zag het blauw van de rook.

Taal 
Nederlands

Reacties

Leuke tekst! Tja ik kan toch hem niet laten liggen, merk ik. Vorig jaar heb ik een hondekop in restauratie van dichtbij mogen bekijken. Die mannen waren toen heel trots hem helemaal zelf geschuurd te hebben. Nu vraag ik me af hoe het zit met Chrome 6 verf op die hondekoppen. Ik geef toe, niet de meest opbeurende comment na deze leuke tekst.

Wat me wel opviel destijds - en wat misschien belangrijker is in erfgoedkundige zin - is dat de restauteurs van treinen helaas bijna altijd een a-historisch perspectief kiezen. Ook bij de hondekop in Amersfoort wilde men alle gebruikssporen liefst zo veel mogelijk uitpoetsen en terug naar de 'originele verf': alle graffiti moest er uit en er af, asbakjes brandschoon, stoelen als nieuw hersteld. Ik vind het zelf altijd erg jammer als de keuze zo uitvalt. De gedachte dat een trein weer wordt zoals hij ooit was is een illusie, en het leven er uit weg poetsen, om tot meer authenticiteit te komen begrijp ik niet.Laat dat toch zitten en laat het zien. Het is niet de nieuwsstaat dat die trein zo bijzonder maakt, maar dat hij decennia lang in gebruik is geweest en er nog steeds is.

Daar heb je een punt, Jobbe, en toch kan ik de acties van de mannen van de Hondekop ook waarderen. Sta me toe een korte uitleg te geven aan onze lezers.

Jobbe Wijnen is de bedenker van de bouwbiografie. Hij reconstrueert het levensverhaal van een gebouw door archeologisch onderzoek dat met behulp van de overblijfselen de historische fasen in kaart te brengen. Dat is voor alle interieuronderzoekers een interessante methode. Lees er meer over op zijn website jobbewijnen, waar ook een bericht te vinden is over zijn waarderend onderzoek naar de wandschilderingen in Fort benoorden Spaarndam.

Authenticiteit blijkt een keuze. Helaine Silverman schrijft in haar hoofdstuk 'Heritage and Authenticity' (The Palgrave Handbook of Contemporary Heritage Research 2015, p 70): "Unlike previous scholarship that has portrayed authenticity as a stable value/product, current research understands it as dynamic, performative,culturally and historically contingent, relative - a quality/tool that can be strategically configured and deployed acording to the task at hand, be that social, cultural, economic, politic, religious and so on."

Wat dat betekent voor de erfgoedpraktijk en de erfgoedzorg beginnen we langzaam te bevroeden. En dat blijkt soms tot ongemakkelijke keuzes te leiden: is de authenticiteit historisch, a-historisch, conceptueel, functioneel, materieel? Volgens de waarderingsmethodiek van de Mobiele Collectie Nederland 'Erfgoed dat Beweegt' mag het allemaal. Als je je maar bewust bent van de keuze en deze motiveert.

De mannen van de Hondekop zitten daar niet mee. Die maken de trein weer als nieuw. En dat is ie dan ook als ze klaar zijn. We kunnen dat jammer vinden, maar eigenlijk voegen zij evenzeer een historische laag toe als alle voorgaande gebruikers. Het is eigenlijk een soort iconoclastisch restaureren.